Van de vrijwilligers-coördinator: Over kader en vrijwilligers

Een vereniging heeft kader nodig, bij een sportvereniging zoals ODO is dat algemeen kader (zoals bestuur, commissies) en sporttechnisch kader (zoals trainers, coaches). Bij de gemiddelde vereniging zijn dat voor een belangrijk deel onbetaalde vrijwilligers. Voor enkele specifieke taken wordt een beroep gedaan op “specialisten” die daarvoor een vergoeding krijgen (meestal trainers).

Er is vervolgens ook een verschil in de mate waarin “vrijwillig” ook echt vrijwillig is. Er zijn verenigingen waarbij de leden verplicht een aantal taken moeten uitvoeren, soms met een boetesysteem en soms met mogelijkheid om de taak financieel af te kopen. Er zijn ook verenigingen waarbij het volledig afhangt van het aanbod van de vrijwilligers of taken uitgevoerd worden. Beide systemen hebben zo hun voordelen en nadelen, het voert te ver om daar nu op in te gaan.

ODO kiest al lange tijd voor het systeem waarbij voor de grote klussen zoals trainer / coach en bestuurslid of commissielid vrijwilligers gezocht worden (of zich soms spontaan melden) en een aantal andere zaken zoals vervoer naar uitwedstrijden, fluiten van jeugdwedstrijden en (een deel van) de bardienst wordt aangewezen. Bij verhindering wordt soms wel gevraagd om zelf een vervanger te zoeken, maar meestal moet de organisator van de activiteit (bijv. de coördinator bardiensten) zelf op zoek naar vervanging.
Kortom, een systeem dat gebaseerd is op het gevoel van gezamenlijke verantwoordelijkheid en op “vele handen maken licht werk”. Een systeem ook dat jarenlang goed functioneert en haar waarde heeft bewezen, maar ………

Het jarenlange vanzelfsprekende besef van de oudere leden (senioren, junioren) dat lidmaatschap meer betekent dan zelf trainen en wedstrijden spelen en het begrip van ouders dat er meer te doen is dan alleen de contributie voor hun kind overmaken is een beetje aan het slijten. Dat betekent dat de hoeveelheid werk door een kleiner wordende groep moet worden gedaan en dat spelers al op jongere leeftijd als trainer / coach aan de bak moeten. In beide gevallen zal dat er toe leiden dat de vrijwilligers eerder afhaken en zo kan zomaar een spiraal naar beneden ontstaan die slecht is voor de kwaliteit en zelfs voor het voortbestaan van de vereniging. Zo ver is het gelukkig nog niet, ODO staat er zeker in vergelijking met veel sportverenigingen in grotere gemeenten goed voor. Maar we moeten wel een slag maken.

Die slag bestaat er uit dat we goed in beeld hebben welke taken er zijn en welke mensen daar nu aan werken (dat beeld is duidelijk) en dat vervolgens op korte termijn alle senioren en junioren en alle ouders via een persoonlijke inventarisatie gevraagd zal worden wat je voor de vereniging kunt doen. Daarbij kijken we bij de spelende leden vooral naar sporttechnische zaken en bij de ouders meer naar algemene taken, maar dat is uiteraard geen harde scheiding. Het gaat er om wat iemand wil en kan en met een beetje goede wil is er dan altijd wel iets dat goed past of goed passend gemaakt kan worden. Vrijwilligerswerk is vaak zoeken naar maatwerk.

Omdat maatwerk zich niet zo eenvoudig laat vangen in een formuliertje en omdat ik graag iedereen spreek zal ik de inventarisatie zelf ophalen (thuis of op het veld). Binnenkort kun je dus een echte ouderwetse brief verwachten (ik zal wel zorgen dat de inventarisatie ook digitaal beschikbaar is) met het verzoek de inventarisatie in te vullen. Omdat het ophalen bij de ouders een flinke klus is zou het handig zijn als je de inventarisatie op zaterdag mee neemt naar het veld. Ik ben vrijwel alle zaterdagen de eerste uren van de ochtend op het veld. Heb je nu al vragen of opmerkingen dan hoor ik dat ook graag.

Kees van der Vaart, coördinator vrijwilligers,
Mail Kees van der Vaart
Tel 06 39482101